
Door Willem Geurts
Aan de toch al rijke geschiedenis van negentig jaar kan het brandweerkorps van Sint-Michielsgestel een memorabele pagina toevoegen. Zaterdag, alleen al door het eerste min of meer ‘officiële’ deel, kon het verjaardagsfeest al grandioos worden genoemd. In de remise, schitterend aangekleed, wachtte de rond honderdtwintig aanwezigen een goedgevuld, inhoudelijk sterk programma. En al die gasten, zij genoten.
Lofzang
Uiteraard waren er de gebruikelijke sprekers. In aanwezigheid van twee oud-burgemeesters, Schinck en Pommer, was het aan burgemeester Eiko Smid de logische eer de brandweerlieden, de ereleden (oud-brandweermannen) en hun partners toe te spreken. Diens woorden benadrukten de grote kracht van het korps. De saamhorigheid, de kameraadschap, de dienstbaarheid én de kennis en kunde bij het uitvoeren van de brandweertaken. Kortom, één grote lofzang.
Als een ‘familie’
De oorsprong van dat alles voert terug tot 1935. Uit die jaargang was uiteraard geen oud-brandbestrijder aanwezig. Wel present als senior, de 83-jarige Ad Broeren, gezeten in de voorste rij. “In 1969 ben ik bij de brandweer gegaan. Dat kon toen alleen als je een bedrijf had, omdat je dan tenminste bereikbaar kon zijn via een PTT-bel.” Dat Broeren met echtgenote Sien present zijn tekent de Gestelse brandweer als een ‘familie’, vindt ook de vroegere spuitgast. “Dit vind ik heel mooi, hier genieten wij van”, aldus Ad Broeren, “bij al deze gebeurtenissen ben ik graag aanwezig.”
Ook vrouwen voelen zich thuis
Helemaal thuis bij de brandweer voelt ook Linda Pielo zich. “Ik haalde de volwaardige papieren na de opleiding via het Provinciehuis, waar ik werk.” Als een van de inmiddels drie vrouwen in Gestel (die zich overigens brandweermán noemen..). Hoe zij de van origine mannenwereld ervaart? “Het was wel even spannend, maar vanaf het moment dat ik kon meedraaien voelt het goed. Ik ben hier goed ontvangen. En wat aanpak betreft, dat zie je ook hier, dat gebeurt heel professioneel.”
Als in een rij volgden de sprekers elkaar op. Met woorden van veelal gelijke strekking, woorden van pure en oprechte waardering voor het korps en de leiding. De clustercommandant van De Meierij, de postcommandant, de voorzitter van de Ereleden, het was lof, lof en nog eens lof. Mark Nijrolder pakte hun woorden samen in een alles betekende zin: “Kracht is de vereniging!”
Levendige boekpresentatie
Langzaamaan bereidde de zaal zich voor op de boekpresentatie (zie een eerder artikel op Gestel.nu). Een presentatie die zijn weerga niet kende. Veel had de organisatie uit de kast getrokken voor een ware happening. De auteurs, Yvonne Kapteijns en Marcel van Hout ‘verantwoordden’ zich voor hun naslagwerk tegenover presentator Arie van Erp. Deze vroeg om toelichting op het ‘wie, wat, waar, wanneer én het waarom’ van het boek ”Opdat de goede clubgeest heerscht’. Een vraaggesprek dat telkenmale vooral luchtige onderbrekingen.
De entre’acts, korte optredens, ze waren zó op hun plaats. Van acrobatiek op hoog niveau, tot zang, tot poëzie, tot tonpraten, tot toneelsketches en tot een diepe, tot een oorverdovend stille buiging voor de overleden brandweerlieden. Met tot slot van het formele feestprogramma een prachtig ingetogen, hartverwarmend lied van Marcel van Hout. Al deze bijdragen kregen een heerlijk applaus.
En dan, iets verderop in de tijd, was er volledige bewegingsvrijheid voor de gasten. Eerst, nog bij daglicht op het feestelijk aangeklede buitenterrein, in de latere uurtjes terug binnen in de (weer) omgetoverde remise. Voor een feest dat in de Gestelse 90-jarige brandweerhistorie zijn weerga niet kent.